BadBruisBal

BadBruisBal

Hoe dit stukje te beginnen? Zal ik voor de licht erotische toon gaan? De zinnenprikkelende suggestieve variant die, in ieder geval mijzelf, zal opzwepen tot extatisch genoegen, wellicht kreunend genot? Of nee, kies ik voor de meer technocratische variant, scherm met de wet van communicerende vaten, Archimedes zelf, verlies ik mij in pseudo-wetenschappelijk gekwaak?
En waarom? Een rillerig gevoel, een zompige geest, de waan van grieperigheid. De voor de hand liggende oplossing, een cognacje, vind ik midden op de dag wat onaangepast, dus opteer ik voor het alternatief, Het Warme Bad met BadBruisBal.

Plaats van handeling. Natuurlijk niet de keuken, de tijd van een zinken teil hebben we ook hier allang gehad, maar de badkamer. Moeder die je rug inzeepte, een nat washandje over je neus. Tja, dat waren nog eens tijden. Uiteraard kan de vriendin als stand-in dienen, maar dat is niet geheel hetzelfde. De badkamer dus. Voor de onwetenden onder u, de Badkamer is meer dan de plaats waar het bad staat. De Badkamer is een oase van steen, gevuld met vochtige damp, behangen met zachte doeken. Handdoeken. Een goed bad nemen is een bijkans erotische ervaring. Het loom uittrekken van de kleding, het zachte ruisen van de waterstraal, het gorgelen van de kraan, alles draagt bij aan het euforische gevoel, van weldadig genot. Het voorzichtige contact met het warme water…

Auw! @%$@%$ Dat is heet! Zoals altijd de thermostaat te hoog gezet. Het mag de pret niet drukken. Nog snel even de laptop spatvrij in een hoekje. Itunes op. Best of Rock, Radar Love en zo. Niets hoogstaand graag. Boekje en glaasje wijn op de rand. En dan komt het voorlopig hoogtepunt. Met trillende vingers haal ik de BadBruisBal uit haar jasje. Hoe nu verder? Flikker ik haar zonder enige vorm van ceremonieel in het water? Zeker niet! Krijg ik altijd een slecht gevoel van. Heeft ze niet verdient. Tussen haakjes, jullie denken toch niet dat ik met een mannelijke BadBruisBal in bad stap? Moet niet gekker worden! Ze dus, moet met decorum in bad gelegd worden. Begeleid op de bodem van het bad neervlijen. Tijdens de tocht naar de bodem begint ze al te bubbelen van genoegen, te kirren van plezier. De belletjes dringen naar haar huid om aan de lange tocht naar boven te beginnen. Plop! Tikkel! Mijn zachtroze, poedelnaakte BadBruisBal. BB plus B, een soort uber BB dus.

Inmiddels het water zover afgekoeld dat ik erin durf te stappen. Op de bodem van het bad ligt BBB te rollen en te bruisen als een wilde. Met enige voorzichtigheid zet ik mijn voeten naast haar neer, zak door mijn knieën en ga zitten. De geur van lavendel stijgt op, vermengd zich met stoom, gaat een serenade aan met Supergirl van Reamonn, creëert een perfecte sfeer. Wijn. Boek. En wat voor een boek….

Lolita van Vladimir Nabokov. Lolita, licht van mijn leven, vuur van mijn lendenen. Grappig dat ik dit boek nu lees. Zo’n BadBruisBal doet tenslotte ook iets met je lendenen. Maar, goed, dat laat ik aan jullie eigen fantasie over. En alsof God oren heeft, Venus van Shocking Blue doet ook nog een nootje in de zak. Lolita is helemaal geen vrolijk boek, erotisch al helemaal niet, schokkend eerder. Als je met de moeder trouwt omdat je de dochter begeert is er wel iets helemaal mis met je. Vooral als de dochter iets van elf, twaalf jaar oud is.
BBB is inmiddels tot rust gekomen en ligt rustig bubbelend, in sterk afgeslankte vorm, naast mijn linker grote teen. De wijn is op en het boek heb ik maar even aan de kant gelegd. Het humeur moet opgelapt worden nietwaar, niet bezwangerd worden met somberheid. Druipend sta ik op, richting boekenkast in mijn studeerkamer, onderwijl mezelf afvragend of de houten vloer kan omgaan met druipend mens. Nieuw boek. Pinkeltje? Ahum. Nu even geen dubbelzinnige boeken graag.

Het bad heeft lang genoeg geduurd. BBB is uitgeraasd, de geur van lavendel is vertrokken met openen van de deur, de stoom is doodgeslagen. Er schiet mij een citaat van Schopenhauer door het hoofd: ‘De mens is geconcretiseerde geslachtsdrift, want de wil schuilt in de genitaliën.’ Echt wel.

Moi, Lolita.

Vanmiddag zat ik in de zon te lunchen op een terrasje. Zo’n echt ouderwets cafetje met rieten stoeltjes en een relnicht als eigenaar. De koffie was van Laurentius en smaakte prima. Net als de driedekker met gebakken spek trouwens.

Mijn humeur was in tegenstelling tot het prachtige weer aan de melancholische kant. Wisselend bewolkt om het in meteorologische termen te zeggen. Ik ben niet echt goed in straatnamen onthouden dus waar ik nu geografisch exact op het terras zat was me een raadsel. Ik lijk wel een vrouw…In Haarlem ok…

Gezichten, indrukken en momenten; Mijn liefdes. Die vergeet ik nooit.

Joyce. Een meisje met gitzwart haar, iemand die we tegenwoordig een allochtoon zouden noemen. Een Chinese Nederlandse klinkt al veel beter vind ik. Wij waren 10 jaar oud en vonden elkaar geweldig. Zij was mijn alles, met haar kon ik mijn verdriet delen, mijn plezier, mijn speelgoed. Joyce had een een hartvormig gezichtje en haar dat altijd glom. Als je je hand erdoor heen haalde dan voelde je hoe stevig het was. 41 jaar later zie ik haar nog voor me. Voel ik haar nabijheid. Tijd is niet belangrijk. In het universum van de liefde rijgen momenten zich aaneen als kralen aan een ketting. Joyce was op een dag van school verdwenen. Mijn wereld lag in duigen, voor twee volle weken, tot ik Marianne zag staan.

Lang, blond haar en mager. Ma Femme avant la Lettre. Zij zag mij niet. Dacht ik een vreselijk halfjaar lang. Marjan was veel ouder als ik. Niet in leeftijd. Ze wist heel goed waar ze mee bezig was en daagde me uit, negeerde me, vernederde me, verleidde me. Tot ik het zat was en haar een keer plagend, lachend aan haar paardenstaart trok. Voor de klas.

Zij keek om te zien wie dat in z’n hoofd haalde en staarde recht in mijn ogen. Ik keek in de hare, groene ogen met aan de rand van de iris gouden stralen. Groene ogen die me zeiden dat het wel erg lang had geduurd voor ik door had wat ze bedoelde. Groene ogen die mijn leven bepaalden. Jezus!

Heel langzaam begon het me te dagen. Vrouwen, meisjes houden er zo hun eigen wereldje op na. Hun eigen rituelen. Als jongetje moet je daar iets op vinden. Verzin een list Tommetje Poes. De list heet ‘De Verleiding’ , maar dat weet je dan nog niet. Als je elf, twaalf jaar oud bent, heb je geen idee dat ‘De Verleiding’ de rest van je leven zal domineren!

Op dat terrasje in Haarlem keek ik in de ogen van het Chinese meisje naast me. Zij haalde haar hand door haar gitzwarte haar, streek het achter haar oren en begon te blozen. Toen werd het mij duidelijk. Mijn gedachten, de gedachten van bijna iedereen, draaien om ‘De Verleiding’. Opgedeeld in miljoenen kleine stapjes, gebaartjes, echte en geveinsde interesse, botte toenadering en onredelijk verlangen. De kunst van het verleiden, vertederen, verwennen. Verleiden als ultieme levenskunst. De lijm die de wereld bij elkaar houdt.

“Je kijkt door de ogen van een vrouw.” Laatst had ik een blogje geschreven en dit was een van de reacties. Voor een man natuurlijk een geweldig moment! Eindelijk heb ik mijn ultieme doel bereikt. Kijken door de ogen van een vrouw. Ervaren hoe het is om verleid te worden in plaats te verleiden. Om te voelen hoe het is als een man je blijft aankijken en je vlinders in je buik krijgt. Kippenvel op je dijen als hij op je afloopt. En keihard op aarde lazert als hij onbeholpen, in plat Amsterdams vraagt of je iets te drinken wilt. Loser. Als het exemplaar andere kwaliteiten, fysieke bijvoorbeeld, heeft geef je hem nog een kans. Maar toch, de eerste indruk is bepalend. De geur, de aandacht waarmee hij zich heeft geschoren, zijn kleding. Witte sokken in spekzolen? Na zo’n afknapper is hij wellicht nog aardig voor een nachtje, maar zeker niet voor de lange termijn.

Kijk, het is volstrekt onmogelijk om door de ogen van een vrouw te kijken als man. Alle bovenstaande beweringen zullen dan ook categorisch onderuit geschoffeld worden door de dames. Maar toch. Het spelletje dicteert dat ik, man, in mijn eigen onzin geloof. Vrouwen daarentegen hebben volgens mij wel de gave om door de ogen van een man te kijken. Vanaf dag 1 dat ze door hebben dat ze vrouw zijn. Meisje af. Nee dames, nu niet ontkennen: ik weet zeker dat jullie het kunnen.

Natuurlijk is dit een poging tot verleiden. Kijk mij eens begrip tonen, wat schrijf ik knap, zie mij mijn apendans eens uitvoeren, mijn veren opsteken. Heb mij lief! Ik zeg het er maar bij voor het geval jullie het niet door hebben….

Ik zal blijven verleiden tot ik er niet meer ben. Moi, Lolita